We zijn begonnen op de Hoogwaterboerderij!

Het project ‘Boeren bij Hoog Water’ is gestart met een aantal experimenten op het KTC in Zegveld. In de laatste nieuwsbrief worden een aantal interessante onderwerpen besproken.

  • Boeren bij Hoog Water, de voorbereidingen
  • 0-meting als vertrekpunt voor onderzoek
  • Experimenteren met grondwaterpeil
  • Bijeenkomst 11 juni is uitgesteld

Klik hier voor de volledige nieuwsbrief.

Innovatie Programma Veen start derde onderzoeksseizoen

Innovatieprogramma Veen stuurde een nieuwsbrief met daarin een aantal interessante onderwerpen.

  • Een nieuwe oogstronde: de beurt aan de pistenbully
  • Wormenonderzoek gaat door
  • Geen omkijken meer: drukdrains geautomatiseerd
  • Betaalbaar en effectief? Greppelinfiltratie van start
  • Zorgt vernatting voor meer leverbot?

Klik hier voor de volledige nieuwsbrief.

MID-TERM REVIEW Klimaatslim Boeren op Veen

Het project KsBoV loopt nu bijna 2 jaar. Maar…Hoe ver staat het project? Welke doelen zijn gehaald? Waar lopen we tegenaan en welke lessen kunnen we nu al leren? Hoe kunnen we het project verder brengen? Maar ook …Zitten de juiste mensen aan tafel?

De mid-term-review is inmiddels afgerond en op 11 maart 2020 zijn de resultaten en aanbevelingen besproken met de stuurgroep en het kernteam. Provincie Utrecht en provincie Zuid Holland – die de regie hebben op de klimaatdoelen – waren ook bij dit gesprek. Gewoon omdat KsBoV de “geleerde lessen” graag wil doorgeven en gebruiken voor een eventuele opschaling.
Samen – met de provincies – kunnen we het project verder brengen!

Klik hier voor het verslag van de bijeenkomst.

Klik hier voor het evaluatierapport

9 aanbevelingen wil KSBoV verder uitwerken (in willekeurige volgorde):

  • Leer van de huidige projecten;
  • Verbind de verschillende opgaven;
  • Energie uit het gebied is de basis!! Hoe gaan we deze energie benutten, vasthouden en opwekken?;
  • Actief kennisdelen en bewustwording stimuleren, met als doel een olievlekwerking;
  • Kennisontwikkeling Welk effect hebben maatregelen op waterbeheer?;
  • Netwerk: benut de kennis van KSBoV voor opschaling. Word samen sterk! (Regiodeal, IBP, congressen, VIC. etc.);
  • Werk als 1 overheid! Werk (strategisch) samen – Creëer breed draagvlak – Benut elkaars kwaliteiten;
  • Help de collectieven om verder te professionaliseren;
  • Regel een structurele oplossing rondom financiering ((middel)lange termijn)
    “Provincie Utrecht wil leren van de ervaringen van KSBoV en zich inzetten om het algemeen beschikbaar komen van de klimaatgelden in gebiedsprocessen– bedoeld voor verdere uitrol (zowel proces als maatregelen) – te vereenvoudigen”.

Regionale koolstofbanken voor het veenweidegebied

Op 28 maart verscheen een artikel in Nature Today over het beschikbaar stellen van klimaatgelden door de overheid voor het project Valuta voor Veen.

Het Rijk stelt klimaatgelden beschikbaar voor het project Valuta voor Veen. Vanuit dit project worden een landelijke koolstofbank en vijf franchisefilialen voor veenweidegebieden opgezet. Met de regionale koolstofbanken worden grondeigenaren die waterpeilen verhogen om het veen te behouden en daardoor CO2-uitstoot besparen gefinancierd.

De focus van dit project ligt op de provincies Noord-Holland, Zuid-Holland, Friesland, Overijssel en Utrecht. Het initiatief om koolstofbanken op te zetten, is afkomstig van de Natuur en Milieufederaties.

Algemeen

Reductie van de broeikasgassenuitstoot uit de Nederlandse veenweiden is een van de maatregelen van de Nederlandse klimaatopgave. In het Klimaatakkoord is hiervoor een besparing van 1 megaton COin 2030 afgesproken. Veenweiden stoten jaarlijks circa 7 megaton uit, zo’n vier procent van de hele CO2-uitstoot in Nederland, vergelijkbaar met de uitstoot van twee miljoen auto’s. De uitstoot van CO2 uit veen kan worden beperkt door het grondwaterpeil te verhogen, waardoor het veen aantoonbaar minder oxideert. Via pilots met onder andere de Friese Milieu Federatie, Projecten LTO Noord, Collectief It Lege Midden, Collectief de Noardlike Fryske Wâlden, Wetterskip Fryslân en de Provincie Fryslân is hiervoor een geschikte methodiek ontwikkeld. Deze methodiek, Valuta voor Veen, is eind december 2019 vastgesteld door de Green Deal Nationale Koolstofmarkt. Deze vaststelling maakt de stap van ‘pilots’ naar ‘doen’ mogelijk. Toepassing leidt tot uitgifte van verhandelbare koolstofcertificaten (1 certificaat = 1 ton CO2-reductie) aan grondeigenaren. Het systeem van uitgifte van certificaten aan grondeigenaren wordt inmiddels in Duitsland al succesvol toegepast in het projectgebied ‘Moorefuture’. Landelijk projectleider Monique Plantinga: “Wij gaan vanuit dit project samen met grondeigenaren tien Valuta voor Veen gebiedsprojecten in de veenweiden opzetten, kopers aantrekken en koolstofcertificaten verhandelen via regionale koolstofbanken.”

Lees het hele artikel via deze link.

STOWA: Startoverleg broeikasmetingen Vlist

Op maandag 25 november kwamen er zo’n 15 wetenschappers langs op het melkveebedrijf van Arjan van Diemen. Doel is om hier de komende vier jaar de effecten van onderwaterdrainage op de broeikasgasemissies uit veen te meten. De wetenschappers van verschillende Nederlandse universiteiten en onderzoeksinstituten kwamen bijeen om afspraken te maken over de start van dit onderzoek en met elkaar af te stemmen waar welke apparatuur komt te staan.

STOWA, het kenniscentrum van de Nederlandse waterschappen, is namens de overheid opdrachtgever voor het opzetten en uitvoeren van het Nationaal Onderzoeksprogramma Broeikasgassen Veenweiden. Doel is het in kaart brengen van de effecten van maatregelen, waaronder onderwaterdrainage en lisdodde-teelt, op die broeikasgasemissies en op bodemdaling. De effecten van onderwaterdrainage zullen op vijf locaties in Nederland worden gemeten: Aldeboarn (Friesland), Assendelft (Noord-Holland), Rouveen (Overijssel), Zegveld (Utrecht) en langs de Vlist (Zuid-Holland). Door het kiezen van deze locaties is er spreiding van verschillende veentypes en klei-dek diktes. Dit draagt bij aan het verbeteren van de voorspellingen van de emissies onder verschillende omstandigheden en bij verschillende maatregelen.

Lange Weide in het nieuws bij KNW

Het vakblad H2O, uitgegeven door KNW (Koninklijk Nederlands Waternetwerk) bericht op 16 december over het dynamisch peilbeheer in Lange Weide.

Dynamisch peilbeheer bij grootste onderwaterdrainage pilot van Nederland

De aanleg van onderwaterdrainage in de polder Lange Weide is voltooid. Met 310 hectare in een peilgebied is dit de grootste onderwaterdrainage pilot in Nederland. Met de drainage zou de bodemdaling afgeremd moeten worden. Hoogheemraadschap De Stichtse Rijnlanden gaat het peilbeheer samen regelen met de boeren in de polder en Staatsbosbeheer.

In de polder Lange Weide nabij de Zuid-Hollandse plaats Driebruggen is de afgelopen anderhalf jaar 450 kilometer aan onderwaterdrainage aangelegd. In totaal betreft het 310 hectare, 200 percelen en 28 landeigenaren. Het water wordt via de drains vanuit de sloten in het veen geïnfiltreerd. Zo kan ‘s zomers de grondwaterstand worden verhoogd.

“In dit gebied kampen we met bodemdaling”, zegt Chris van Naarden, projectleider bij waterschap De Stichtse Rijnlanden. “De Lange Weide is interessant vanwege de grote schaal waarop onderwaterdrainage wordt toegepast, maar zeker ook omdat we samen met Staatsbosbeheer en de agrariërs het peilbeheer dynamisch gaan vormgeven”.

Whatsappgroep

De Stichtse Rijnlanden zal sturen op een grondwaterstand van 40 centimeter onder de maaistand. Dat is volgens Van Naarden net genoeg voor de boeren om genoeg draagkracht voor koeien en machines te houden. “We zoeken de combinatie tussen veenbehoud en de belangen van de melkveehouders. Grondwaterstanden kunnen we als waterschap zelf beoordelen, maar voor de draagkracht hebben we de medewerking van de agrariërs nodig. Daarom hebben we een whatsappgroep opgezet zodat we steeds in contact blijven en dynamisch de juiste grondwaterstand kunnen bepalen”.

Bodemdaling

De komende vier jaar zal de pilot in de Lange Weide nog intensief gemonitord worden vanuit het waterschap. Van Naarden hoopt dat in deze periode verschillende soorten weer voorbij zullen komen. “Een representatieve afwisseling van warme en koude periodes geeft natuurlijk een completer beeld van de effecten van onderwaterdrainage. Maar los van de precieze weersomstandigheden hoop ik vooral dat de onderwaterdrainage en het peilbeheer er samen voor zorgen dat de bodemdaling afneemt”.

De Regio Deal bodemdaling Groene Hart is officieel van start gegaan.

KNW bericht in vakblad H2O op 25 november: Bodemdaling Groene Hart: projecten om kennis en bewustwording te vergroten

De Regio Deal bodemdaling Groene Hart is officieel van start gegaan. In het Zuid-Hollandse en Utrechtse Groene Hart gaan 23 innovatieve, experimentele projecten draaien om bodemdaling aan te pakken. De Regio Deal heeft een looptijd van vier jaar. Na die periode moet de kennis over bodemdaling duidelijk zijn toegenomen en een set instrumenten om bodemdaling te bestrijden zijn ontwikkeld.

De waterschappen van Rijnland, De Stichtse Rijnlanden en Schieland en de Krimpenerwaard willen samen met de provincies Zuid-Holland en Utrecht en de gemeenten Alphen aan den Rijn, Gouda en Woerden de bodemdaling in het Groene Hart aanpakken. Vanuit de regiodeals van het Rijk, krijgen ze financiële ondersteuning van tien miljoen euro. De acht betrokken regionale overheden investeren samen eenzelfde bedrag.

Begrip vergroten

“Het Groene Hart kampt, net als andere veengebieden, met een zakkende bodem door zetting en het inklinken van veengrond door ontwatering en droogte,” zegt Welmoed Visser, de Programmamanager Regio Deal bodemdaling Groene Hart. “Bodemdaling in het buitengebied is een compleet ander verhaal dan bodemdaling in de bebouwde kom. Dat zijn verschillende werelden. Door samen te werken in de Regio Deal willen we ons begrip van bodemdaling en manieren om die te bestrijden vergroten”.

Breed palet aan projecten

Onder de regiodeal vallen 23 projecten die op een innovatieve manier een aanpak tegen bodemdaling willen ontwikkelen. “Het is een breed palet aan projecten”, zegt Visser. “Ze zijn bedoeld om kennis rond bodemdaling te ontwikkelen en netwerken te bouwen van professionals, inwoners en ondernemers die zich met het onderwerp bezighouden. De projecten variëren van investeringen in innovaties voor landbouw of wegenonderhoud tot de bouw van een openbaar toegankelijk kenniscentrum bodemdaling”.

Kennisdeling en bewustwording

“Kennisdeling en bewustwording zijn belangrijke begrippen voor deze Regio Deal”, meent Visser. De projectleiders zullen jaarlijks twee keer bij elkaar komen en er zijn gesprekstafels met het Rijk om de opgedane ervaringen te delen. “We willen dat projectleiders en overheden kennis met elkaar delen, maar ook met het publiek. Iedereen in het Groene Hart heeft te maken met bodemdaling. Maar veel mensen weten er nog weinig van. Via onze website, via de nieuwsbrieven en via het kenniscentrum willen we daarom investeren in bewustwording.”

De regiodeal heeft een looptijd van vier jaar. Na die periode hoopt Visser dat het programma meer is geweest dan een verzameling losse projecten. “Als eindresultaat willen we meer kennis hebben opgedaan en een set instrumenten hebben ontwikkeld om bodemdaling aan te pakken”.

Meer informatie

De website van de Regio Deal bodemdaling Groene Hart

Deelnemers bodemdaling remmende projecten wisselen ervaringen uit

Zes deelnemende polders, bron: HDSR

Op 3 oktober 2019 organiseerde Hoogheemraadschap De Stichtse Rijnlanden een informele bijeenkomst voor alle deelnemers aan projecten die de bodemdaling remmen in Kamerik. Het doel was om elkaar te ontmoeten en ervaringen te delen tijdens een barbecue. Ook konden de aanwezigen uit de zes deelnemende polders meer leren van elkaar tijdens drie kennissessies.
Hoogheemraad Bert de Groot van het waterschap sprak zijn waardering uit voor het enthousiasme en de daadkracht waarmee de deelnemers aan de slag zijn gegaan om de bodemdaling in het veenweidegebied te remmen. Tijdens zijn welkomstwoord lichtte hij kort de verschillende stadia van de zes polderprojecten toe. Aanvullend maakte een deelnemer uit de betreffende polder kort een statement.
Er waren zo’n 70 mensen aanwezig, niet alleen boeren die deelnemen aan de diverse projecten, maar ook projectadviseurs.

Boeren bevragen boeren

De ervaring en de kennis die tot nu toe is opgedaan in de projecten verschilt per polder en is uniek. Tijdens de drie kennissessies over de polders Spengen en Lange Weide konden de aanwezigen hier dieper op ingaan. Dat gebeurde aan de hand van het gezamenlijke verhaal van een waterschapper en een of meerdere deelnemer(s). Zo was er ruim de tijd voor de deelnemers om hun ervaringen en kennis te delen, van elkaar te leren en elkaar te inspireren. De presentaties zijn te vinden via onderstaande links:

Ervaringen tot nu toe

bron: HDSR

Polder Spengen heeft inmiddels drie jaar ervaring met drukdrainage. In Lange Weide is 85% van de onderwaterdrainage aangelegd. In de Meijepolder Laag, Portengen en Kortrijk en een aantal polders bij de Vlist zijn ook plannen gemaakt om polderbreed aan de bodemdaling te remmen. Ook zijn er mensen aan de slag gegaan via de Subsidieregeling Regionaal Partnerschap voor water en bodem en de regeling van de provincie Utrecht (Zegveld).

Drukdrainage op zonne-energie in Spengen

HDSR bericht over nieuwe innovatie bij de bedrijvenproef in Spengen.

Bron: HDSR

Onlangs is er weer een mijlpaal bereikt bij de bedrijvenproef Sturen met grondwater in Spengen. Agrariër Klaas Hoogendoorn is de laatste deelnemer van de proef die zijn onderwaterdrainage heeft uitgebreid met drukdrainage. Bijzonder is dat zijn systemen draaien op zonne-energie. Het was een hele zoektocht om dit innovatieve systeem op zonne-energie ook echt in de praktijk te brengen.

Werking drukdrainage

Vanaf 2018 draaien in Spengen al elf drukdrainages op netstroom, één drukdrainage op windenergie en nu nog eens twee op zonne-energie. Met drukdrainage wordt actief water in of uit een ton gepompt. Op deze ton is de onderwaterdrainage aangesloten. Dat is een stelsel van ondergrondse buizen in het land waar water in zit. Door met de waterhoogte in de ton te variëren loopt het water in droge perioden vanuit de ton via de buizen de bodem in en in natte perioden omgekeerd. Op deze manier wordt de veenbodem, die te vergelijken is met een spons, vochtig gehouden om de bodemdaling te remmen.

Enthousiaste agrariër

Hoogendoorn: ”Ik ben begonnen met onderwaterdrainage. Dan staan de buizen rechtstreeks in verbinding met de sloot. Dit werkt al boven mijn verwachting. De veenbodem van mijn land blijft nu vochtig. Met de uitbreiding naar een drukdrainagesysteem hoop ik nog gerichter de grondwaterstand te kunnen sturen. De zonnepanelen zijn zelfs gekoppeld aan een accu. Dat is geen overbodige luxe: na de extreem droge zomer van 2018 bleek uit de meetgegevens van het waterschap dat de pompen zelfs ’s nachts moesten draaien. Op één perceel met onderwaterdrainage werk ik voorlopig nog niet met drukdrainage. Zo kunnen we straks mooi de effecten van onderwaterdrainage én drukdrainage vergelijken”.

Boeren en waterschap innoveren samen

‘In deze proef werken zeven boeren en het waterschap al een paar jaar nauw samen. “Ook nu hebben we samen naar een geschikt zonnesysteem gezocht”, aldus projectleider Annette van Schie van het waterschap. Hoogendoorn bevestigt dat: ”Voor mij is het belangrijk dat het werkbaar moet zijn. Ik hoef nu maar één knopje om te draaien en het systeem pompt in droge periode water uit de sloot in de ton. In natte perioden zet ik de knop om, zodat het water uit de ton in de sloot wordt gepompt. Een goede timing is wel van belang. Dat ga ik ervaren, want dat hoort bij een innovatieve proef”, aldus Hoogendoorn.

Meer informatie over de bedrijvenproef in Spengen is te vinden via deze link.

In het Innovatie Programma Veen (IPV) wordt ook gewerkt met drukdrainage op de percelen van Elmer Kramer in Assendelft. Het laatste nieuws over deze pilot is te lezen via deze link.

In totaal zijn er zes pilots in Nederland gestart om de impact van drukdrainage te kunnen meten.

Marickenland: Explosieve groei van weidevogels in lisdoddeveld

De provincie Utrecht bericht over het succes verhaal van het lisdodde experiment bij Vinkeveen in Nature Today op 31 augustus 2019.

De provincie Utrecht experimenteert in Marickenland bij Vinkeveen (gemeente de Ronde Venen) sinds half juli met lisdodde. Op een gebied van zes hectare wordt onderzocht hoe deze ‘rietsigaar’ in dit veengebied het best groeit. In de zompige delen die half of net niet onder water staan, groeit de lisdodde goed. Verrassend is de explosieve groei van het aantal weidevogels in dit gebied.

Ecoloog Coen Knotters gaat in opdracht van de provincie regelmatig een kijkje nemen bij de lisdoddepilot om de ecologische waarden van het gebied in de gaten te houden. “Nadat de lisdodden zijn geplant in wat eens vochtige landbouwgrond was, is het waterpeil verhoogd. Dat doen we omdat het gras in dat gebied dan afsterft en de lisdodde zo een kans krijgt om te groeien. De lisdodde houdt namelijk juist van natte voeten. Zo’n verandering in de waterhuishouding doet natuurlijk altijd iets met de natuur in het gebied, maar het is verbazingwekkend hoe hier in zo’n korte tijd een stukje nieuwe natuur zich ontwikkelt. In een maand tijd zijn een paar percelen eentonig weidegebied veranderd in een eldorado voor steltlopers. En ik heb er zeker 250 watersnippen gezien, bokjes (een kleine variant van de watersnip met een voorkeur voor drassige graslanden), tureluurs, grutto’s, witgatjes, groenpootruiters en nu ook een zwarte ruiter. Deze telling geeft goede hoop voor de toekomst!”

Experiment uitgebreid

Wanneer de pilot van zes hectare slaagt, wordt een grotere proef gestart op vijftig hectare in Marickenland. Er wordt juist met lisdodde geëxperimenteerd omdat deze plant kan helpen om bodemdaling terug te dringen. De plant groeit deels onder water. Er komt dan geen zuurstof bij het veen in de bodem, waardoor die minder zal inklinken. Daarnaast onttrekt lisdodde (kunstmatige) voedingsstoffen uit de bodem die de balans in de bodem verstoren, draagt het gewas bij aan een betere waterkwaliteit en kan de teelt van lisdodde mogelijk een extra inkomstenbron bieden voor de agrariërs in dit gebied.

Natuurontwikkeling in Marickenland

De proef met lisdodde is onderdeel van een groot natuurontwikkelingsproject. In Marickenland wordt de komende jaren weidegrond omgevormd tot rietland, nat grasland en bloemrijk grasland. Het gebied sluit aan op de aangrenzende natuurgebieden in het Natuurnetwerk Nederland. Het wordt een belangrijke schakel voor vele planten- en diersoorten die het goed doen in natte natuur.

Meer informatie over de natuurontwikkeling in Marickenland en een blog over de lisdoddepilot is te vinden via deze link.

Foto’s: Rik Kruit, Saxifraga; Coen Knotters