Pionierende boer uit Snelrewaard onderzoekt andere aanpak bodemdaling

De website van de provincie Utrecht bericht over de toekenning van een onderzoeksbeurs aan melkveehouder Rick de Vor uit Snelrewaard. Hij gaat onderzoek doen naar onder andere gewassen die op natte grond gedijen, grassoorten die de koeien kunnen eten terwijl zij in het water staan en vorstbestendige grassoorten. Hieronder volgt het hele bericht. Meer informatie op de website van de provincie Utrecht.

Hoe gaan boeren in landen over de hele wereld om met een dalende bodem? En wat kunnen wij van hen leren? Melkveehouder Rick de Vor uit Snelrewaard deed onderzoek naar boeren op veengrond, het afremmen van bodemdaling en mogelijke verdienmodellen. “Met ons bedrijf zitten wij aan de rand van het veenweidegebied, zo’n 8 hectare van ons land is veengrond. Daarom was ik benieuwd hoe boeren in andere landen omgaan met bodemdaling.”

“Veengrond vind je over de hele wereld,” zegt Rick de Vor (42). Met zijn vrouw Judith (38) heeft hij een melkveehouderij in het Utrechtse Snelrewaard, met 115 melkkoeien en 40 hectare grasland.
“Het is interessant om te zien hoe verschillend bodemdaling er uit kan zien. En hoe ondernemers, industrie en overheid daar in andere landen mee omgaan.“

Onderzoeksbeurs

Rick kreeg een beurs voor het internationale Nuffield-programma, betaald door de provincie Utrecht. Binnen dit programma krijgt jaarlijks een aantal jonge boeren de kans om onderzoek te doen naar innovaties in de landbouw. Stichting Nuffield selecteert hen op basis van hun onderzoeksplan en hun capaciteiten. Ze delen hun kennis en inspiratie na afloop met andere deelnemers van Nuffield, en met organisaties en studenten in de agrarische sector binnen en buiten Nederland.

Bodemdaling afremmen

Bodemdaling is een groeiend probleem in de provincie Utrecht. In het westen en noordoosten daalt de bodem door het oxideren en inklinken van de veenbodems. Dit geeft veel schade voor de landbouw, aan woningen en aan wegen. Ook komt er CO² bij vrij en dat versterkt de klimaatverandering.
De provincie Utrecht werkt samen met boeren, waterschappen, gemeenten en anderen aan oplossingen om de bodemdaling af te remmen. Daarom ondersteunt de provincie het Nuffield Scholarship, bedoeld om het innoverend vermogen van de boeren te stimuleren. Jonge agrariërs die het bodemdalingsprobleem letterlijk op hun bedrijf voelen, krijgen zo de kans om op zoek te gaan naar vernieuwende manieren om te werken in een bodemdalingsgevoelig gebied.

“In Nederland zijn we al best ver met onze kennis van bodemdaling, terwijl men er in andere landen vaak nog helemaal niet mee bezig is”, zag Rick. “Daar worden veengrondbodems gewoon afgeplagd, of boeren moeten maar verkassen. In Nederland kan dat niet zomaar, omdat wij de ruimte in ons land intensief gebruiken. Maar ook elders is vertrekken niet altijd een optie: ik sprak boeren in de Verenigde Staten die hun bedrijf niet konden verkopen omdat hun grond hierdoor weinig meer waard is.”

 Tijd en steun

De overheid springt ook zelden zo bij als in Nederland: “In Jakarta, Indonesië, zijn er grote problemen doordat de stad snel wegzakt in een veenmoeras; met allerlei belangrijke voorzieningen, de havens en de sloppenwijken. Ruim een miljoen van de 17 miljoen inwoners wordt in hun bestaan bedreigd, maar de overheid is daar niet in staat om te helpen.” Beter vergaat het de Australische boer met een groot vleesbedrijf ten oosten van Cairns, midden in een moerasgebied. “Met behulp van waterkeringen weet hij het afstromende water langer vast te houden en voedingsstoffen op te vangen. Hij krijgt hierbij steun van de plaatselijke wateroverheid. En het kost ook tijd om zoiets te bereiken.”

Natte teelten

Weer thuis probeert Rick van alles uit op zijn eigen bedrijf. “Ik ben op zoek naar gewassen die op natte grond gedijen; grassen die onze koeien zouden kunnen eten terwijl ze in het water staan. Een vorstbestendige grassoort is hier alleen nog niet ontwikkeld voor de markt. Ook wil ik aan de slag met ‘floating farms’, planten verbouwen op een teeltlaag in de sloot. Dat kan zelfs met aardappelen. Hoewel arbeidsintensief in het onderhoud, betekent dit wel dat je verzakte grond kunt blijven gebruiken.”

Ideeën delen

Zijn onderzoek brengt niet alleen Rick telkens een stap verder, maar leidt ook tot bewustwording en inspiratie bij andere boeren in het gebied. “Ik heb presentaties gegeven bij een aantal Nuffield-congressen in het buitenland, bij zuivelbedrijven en in het Veenweiden Innovatiecentrum (VIC). Daarbij spreek ik allerlei mensen over mijn ervaringen en ideeën, en hoe je die kunt toepassen. Mijn netwerk breidt zich nog steeds uit.” Zijn vrouw Judith, bestuurskundige, is intussen ook geselecteerd voor een onderzoeksbeurs van Nuffield. Zij onderzoekt hoe het contact en vertrouwen tussen boeren, burgers, overheid en politiek kan worden hersteld. “Zo werkt het Nuffield Scholarship nog lang door”, concludeert Rick.

Nieuw natuurgebied bij Vinkeveen: Marickenland

Vinkeveen krijgt er een nieuw natuurgebied bij onder de naam ‘Marickenland’. Dit rietland-natuurgebied vergroot de biodiversiteit. Het draagt ook bij aan een klimaatbestendige woonomgeving, recreatie, het tegengaan van bodemdaling en het biedt innovatiekansen aan boeren.

foto: provincie Utrecht

De provincie Utrecht, Staatsbosbeheer, gemeente De Ronde Venen en waterschap Amstel, Gooi en Vecht gaan samen aan de slag voor Marickenland. Verder zijn onder andere ook het collectief Rijn Vecht en Venen, LTO, de Agrarische Natuurvereniging ‘De Venen’, natuur- en milieuvereniging ‘De Groene Venen’, het Dorpscomité Vinkeveen en omwonenden bij de planvorming betrokken.

Door de aanleg van rietlandnatuur krijgt het veen in het gebied geen kans om te oxideren en dat voorkomt CO2-uitstoot. De provincie Utrecht zorgt met dit natuurgebied voor een verbinding met andere natuurgebieden, zoals Botshol en de Nieuwkoopse Plassen. Het is daarmee een aanvulling op het Natuurnetwerk Nederland (NNN). Dat netwerk moet natuurgebieden onderling beter met elkaar verbinden en met de omringende agrarische gebieden. Waterschap Amstel, Gooi en Vecht legt waterberging aan in het gebied. Dat maakt omliggende woonwijken beter bestand tegen hevige regenbuien. Gemeente De Ronde Venen creëert met dit gebied extra recreatiemogelijkheden. Staatsbosbeheer gaat de nieuwe natuur beheren.

Samenwerking

In het project werken de vier partijen nauw samen. Gedeputeerde Hanke Bruins Slot: “Het is belangrijk om de provincie toekomstbestendig te maken. De aanleg van nieuwe natuur speelt daar een belangrijke rol bij. Het levert een gezonde woonomgeving op voor onze inwoners en zorgt voor nieuwe recreatiemogelijkheden. Samen met de partners zorgen we voor een provincie waar het ook in de toekomst prettig wonen, werken en leven is. “

Aan de slag

De inrichting van het gebied start waarschijnlijk in 2021. Vooruitlopend hierop is al een eerste proefveld van 6 hectare met lisdodde aangelegd, om ervaring op te doen met de teelt van deze plant in dit natuurgebied. Deze plant, de zogenaamde ‘rietsigaar’, helpt met het zuiveren van de bodem en het water. Ook vormt het mogelijk een nieuw verdienmodel voor boeren in het veenweidegebied. Ook wordt er al gewerkt aan de ontwikkeling van een natuurspeelplaats, die in samenwerking met de omgeving is ontworpen.

Ondertekening

Alle plannen worden in gezamenlijkheid opgesteld door de genoemde samenwerkingspartners. De verschillende partners hebben op 2 juli 2020 een samenwerkingsovereenkomst ondertekend om de plannen officieel te bekrachtigen.

Deelexpeditie Broeikasgassen Veenweiden op 29 juni 2020

Het (NOBV) organiseert in samenwerking met het Nationaal Kennisprogramma Bodemdaling (NKB) een online bijeenkomst Deelexpeditie Broeikasgassen Veenweiden op 29 juni 2020 van 9.00-10.30 uur. Aanmelden kan via deze link.

Sprekers zijn:

  • Pui Mee Chan (programmaleider NOBV en trekker Deelexpeditie) geeft vanuit de studio een toelichting op de achtergronden en doelstellingen van het NOBV
  • Gilles Erkens (trekker onderzoeksconsortium NOBV) is aanwezig om u meer te vertellen over de meetlocaties, methoden en maatregelen
  • NKB-kennismakelaars Erik Jansen (Onderwaterdrainage) en Roelof Westerhof (Natte teelten) zijn er om vragen te beantwoorden;

Meer informatie is te vinden op de STOWA website.

Innovatie Programma Veen start derde onderzoeksseizoen

Innovatieprogramma Veen stuurde een nieuwsbrief met daarin een aantal interessante onderwerpen.

  • Een nieuwe oogstronde: de beurt aan de pistenbully
  • Wormenonderzoek gaat door
  • Geen omkijken meer: drukdrains geautomatiseerd
  • Betaalbaar en effectief? Greppelinfiltratie van start
  • Zorgt vernatting voor meer leverbot?

Klik hier voor de volledige nieuwsbrief.

Marickenland: Explosieve groei van weidevogels in lisdoddeveld

De provincie Utrecht bericht over het succes verhaal van het lisdodde experiment bij Vinkeveen in Nature Today op 31 augustus 2019.

De provincie Utrecht experimenteert in Marickenland bij Vinkeveen (gemeente de Ronde Venen) sinds half juli met lisdodde. Op een gebied van zes hectare wordt onderzocht hoe deze ‘rietsigaar’ in dit veengebied het best groeit. In de zompige delen die half of net niet onder water staan, groeit de lisdodde goed. Verrassend is de explosieve groei van het aantal weidevogels in dit gebied.

Ecoloog Coen Knotters gaat in opdracht van de provincie regelmatig een kijkje nemen bij de lisdoddepilot om de ecologische waarden van het gebied in de gaten te houden. “Nadat de lisdodden zijn geplant in wat eens vochtige landbouwgrond was, is het waterpeil verhoogd. Dat doen we omdat het gras in dat gebied dan afsterft en de lisdodde zo een kans krijgt om te groeien. De lisdodde houdt namelijk juist van natte voeten. Zo’n verandering in de waterhuishouding doet natuurlijk altijd iets met de natuur in het gebied, maar het is verbazingwekkend hoe hier in zo’n korte tijd een stukje nieuwe natuur zich ontwikkelt. In een maand tijd zijn een paar percelen eentonig weidegebied veranderd in een eldorado voor steltlopers. En ik heb er zeker 250 watersnippen gezien, bokjes (een kleine variant van de watersnip met een voorkeur voor drassige graslanden), tureluurs, grutto’s, witgatjes, groenpootruiters en nu ook een zwarte ruiter. Deze telling geeft goede hoop voor de toekomst!”

Experiment uitgebreid

Wanneer de pilot van zes hectare slaagt, wordt een grotere proef gestart op vijftig hectare in Marickenland. Er wordt juist met lisdodde geëxperimenteerd omdat deze plant kan helpen om bodemdaling terug te dringen. De plant groeit deels onder water. Er komt dan geen zuurstof bij het veen in de bodem, waardoor die minder zal inklinken. Daarnaast onttrekt lisdodde (kunstmatige) voedingsstoffen uit de bodem die de balans in de bodem verstoren, draagt het gewas bij aan een betere waterkwaliteit en kan de teelt van lisdodde mogelijk een extra inkomstenbron bieden voor de agrariërs in dit gebied.

Natuurontwikkeling in Marickenland

De proef met lisdodde is onderdeel van een groot natuurontwikkelingsproject. In Marickenland wordt de komende jaren weidegrond omgevormd tot rietland, nat grasland en bloemrijk grasland. Het gebied sluit aan op de aangrenzende natuurgebieden in het Natuurnetwerk Nederland. Het wordt een belangrijke schakel voor vele planten- en diersoorten die het goed doen in natte natuur.

Meer informatie over de natuurontwikkeling in Marickenland en een blog over de lisdoddepilot is te vinden via deze link.

Foto’s: Rik Kruit, Saxifraga; Coen Knotters

Natte teelten: Waar staan we?

Bron: VIC

Op de website van het VIC wordt aandacht besteed aan het onderzoek naar natte teelten op veenweiden. Zo weten we nu dat lisdodde groeit op een natte veengrond, gemiddeld 10 ton droge stof per hectare produceert en dat bij voldoende nutriënten een opbrengst van 20 ton droge stof per hectare haalbaar is. Maar ook dat de teelt van miscanthus zich niet leent voor natte veenbodems met een grondwaterpeil van -20 cm en hoger. De kennis en ervaringen uit de eerste jaren onderzoek naar natte teelten worden gedeeld middels deze brochure.
Een korte samenvatting en link naar specifieke onderwerpen zijn te vinden via deze link.

Provincie gaat bodemdaling tegen met lisdodde-experiment in Marickenland

Bron: provincie Utrecht

De provincie Utrecht treft voorbereidingen om in de polder Marickenland een proef te houden met de teelt van lisdodde, ook wel bekend als ‘rietsigaren’. Met deze pilot op 6 hectare wil de provincie onderzoeken hoe deze plant het beste groeit. Als dit experiment slaagt, wordt een grotere proef gestart op 50 hectare in Marickenland.

Lisdodde kan helpen om bodemdaling terug te dringen omdat de plant in een laag water groeit. Er komt dan geen zuurstof bij het veen in de bodem, waardoor die minder zal inklinken. Daarnaast onttrekt lisdodde (kunstmatige) voedingsstoffen uit de bodem die de balans in de bodem verstoren, draagt het gewas bij aan een betere waterkwaliteit en kan de teelt van lisdodde mogelijk een extra inkomstenbron bieden voor de agrariërs in dit gebied.

Marickenland:

De polder Groot-Mijdrecht krijgt een uniek natuurgebied: Marickenland. In Marickenland wordt de komende jaren weidegrond omgevormd tot rietland, nat grasland en bloemrijk grasland. Het gebied, dat ligt tussen de N212 (Ir Enschedeweg) en Vinkeveen, sluit aan op de aangrenzende natuurgebieden in het Natuurnetwerk Nederland. De polder wordt een belangrijke schakel voor vele planten en dierensoorten die het goed doen in natte natuur. Zoals orchideeën en de grote ratelaar, de grote karekiet en de otter. Er komen wandelpaden, een natuurspeelplaats en een vogelkijkscherm. De polder ligt in het werkgebied van de gebiedscoöperatie Rijn, Vecht en Venen die zich sterk maakt voor agrarisch natuur-, landschaps- en water beheer.

Lees het volledige artikel op de website van de provincie Utrecht.